1. God zij steeds met u, tot wederzien;
Dat zijn rechterhand u leide
En uit doodsgevaar bevrijde;
God zij steeds met u, tot wederzien.
2. God zij steeds met u, tot wederzien;
Als de levensstormen woeden,
Zal zijn liefde u behoeden;
God zij steeds met u, tot wederzien.
3. God zij steeds met u, tot wederzien;
Blijf op zijn genade bouwen.
En op Jezus steeds vertrouwen;
God zij steeds met u, tot wederzien.
4. God zij steeds met u, tot wederzien:
Stel uw toekomst in zijn handen;
Hij zal veilig u doen landen
God zij steeds met u, tot wederzien.
Koor. Nu tot wederzien, nu tot weerzien,
Zij het hier of aan de godsrivier;
Nu tot wederzien, nu tot weerzien,
God zij met u, nu tot wederzien.