1. In 't bang Gethsemané knielde Hij neer,
Jezus, Hij Lam van God, Koning en Heer.
Hij droeg mijn zonden in 't schuldeloos hart,
Boette der wereld schuld in diepe smart.
2. O heilig Lam, voor mijn zonden geslacht,
Als Izaak werd Gij ten offer gebracht,
Volgde gewillig als hij 's Vaders wil,
Boog U om onzentwil need'rig en stil.
3. Diep in mijn hart leeft Gij, o, Zoon van God,
'k Leg in Uw handen mijn toekomst en lot.
Niemand op aard' had mij lief zoals Gij,
Jezus alleen gaf zijn leven voor mij.
Koor. Wie draagt mijn last en zorgen,
Hoort mijn ge-beên?
Wie gaf zijn leven voor zondaars als wij?
Niemand dan Jezus alleen.