1. 'k Ben de Uwe Heer, 'k heb Uw stem gehoord,
En ik weet dat Gij mij mint,
'k Laat de wereld los, 'k leg mijn zonden af,
'k Wil U volgen als een kind.

2. O, vervul mij Heer, met Uw Geesteskracht,
Tot Uw dienst zo hoog en rein,
'k Wijd mijn leven nu, ja mijn alles U,
'k Wil U steeds gehoorzaam zijn.

3. Hoe verlangt mijn hart naar die zaal'ge stond,
Als 'k mijn dierb're Vriend zal zien,
Hem de Herder die 't dolend schaap eens vond,
Zal ik eer en hulde biên.

4. Daar zijn diepten van wond're heerlijkheid,
In de liefde Gods zo teer,
Daar zijn hoogten van vreugd en zaligheid,
In gemeenschap met mijn Heer.

Koor. Trek mij nader, nader dierb're Heer,
Tot het kruis van Golgotha,
Trek mij nader, nader, nader dierb're Heer,
tot Uw hart zo vol gena.
~ Glorieklokken nr.34 ~
'k Ben de Uwe, Heer!
Tekst: M.A. Alt
Uit: The Greatest Hymns