1. Ere zij onze Koning, Jezus, Gods een'ge Zoon,
Die tot ons nederdaalde, van 's Vaders heil'ge troon.
Jezus, de Zoon des mensen. Vol van genaad' en kracht,
Werd in een stal geboren, eens in die heil'ge nacht.

2. Ere de Vorst des levens, bronwei van vreed' en kracht,
Jezus, de Vriend der mensen, heeft ons Gods heil gebracht.
Kwam tot de donk're wereld, droeg onze straf aan 't kruis,
Heeft ons de weg geopend, tot 't hemels Vaderhuis.

3. Glorie zij 't Kind van Beth'-lem, liefde, oneindig groot,
Drong Hem zichzelf te off'ren, voor 's mensen zielenood.
Voor ons gaf Hij zijn leven, stortte op 't kruis zijn bloed;
Jezus, de Zoon des mensen, heeft onze schuld geboet.

Koor. Ere zij God, vreed' op aarde,
Hoort d'engelen zingen op blijde toon:
God heeft in mensen behagen,
Zond tot redding ons zijn Zoon.
Lieflijke Sterre van Béthlehem,
Straal in mijn hart, o licht van omhoog,
Dat d'aarde zich koest're in uw stralen,
Schijn tot in de diepste dalen.
Ere zij de Zone Gods,
Ja, nu en tot in eeuwigheid,
Geprezen zij zijn naam,
Ja, tot in eeuwigheid.
~ Glorieklokken nr.347 ~
Ere zij onze Koning.