1. Mijn hart aanbidt en prijst de liefde van mijn Heer,
Hij zond zijn Heil'ge Geest in vuur'ge tongen neer.
De Heil'ge Geesteswind verdreef de dorre blaan,
En in mijn blijde ziel is 't zonlicht opgegaan.

2. Mijn alles geef ik U, o Trooster van mijn hart,
Mijn leidstar in de nacht, in 't uur van zorg en smart;
Gij wilt steeds met mij gaan tot aan het eind der baan,
Mijn Gids vol heerlijkheid die blijft in eeuwigheid.

3. O, eeuwig lof en prijs, zij U mijn God en Heer,
Gij dierb're Christus Geest, die daalde tot ons neer.
Gij hebt mij in gena Gods liefde geopenbaard,
U zij de dank gebracht in hemel en op aard.

Koor. 't Is brandend in mijn ziel, 't Is brandend in mijn ziel.
Dat heil'ge Pinkstervuur is brandend in mijn ziel.
Prijst God, de nacht verdween, een nieuwe dag verscheen,
Mijn leven is nu toegewijd aan Hem alleen.
~ Glorieklokken nr.355 ~
't Is brandend in mijn ziel.