1. 'k Leefde diep in zond' en schuld, ver van het hart van God,
Duister was mijn levensweg, droevig en zwaar mijn lot;
Maar de Meester vol gena, vond het verloren lam,
Bracht 't vol liefde thuis en heelde ied're schram.

2. 'k Gaf mijn hart toen gans aan Hem, Hij 'is mijn liefde waard.
Ere zij het godd'lijk Lam, dat voor mij kwam op aard'
Stierf voor mij op Golgotha, torste de straf voor mij
Maakte mij van ziekt' en schuld volkomen vrij.

3. Alles, alles geef ik Hem, Hij is mijn grootste schat.
'k Heb Hem lief, Halleluja, licht schijnt nu op mijn pad.
't Schaap, dat eens verloren was, volgt nu des Herders stem.
Wijkt niet meer van 't rechte pad, maar blijft in Hem.

Koor. Liefde vond mij,  Liefde vond mij.
Toen niets mij meer redden kon,
vond liefde mij.
Liefde vond mij, Liefde vond mij.
Toen niets mij meer redden kon,
vond liefde mij.
~ Glorieklokken nr.367 ~
Liefde vond mij.