1. 'k Ben nimmer alleen, de Heer is nabij,
Bij zonschijn of duist're nacht,
Ik rust in zijn trouw en zie naar omhoog,
Waar hemels geluk mij wacht.
2. 'k Ben nimmer alleen, de Heer is nabij,
Bewaart me in 't verzoekingsuur,
Hij sterkt mijn geloof, vervult mij met kracht,
En doopt mij met Geest en vuur.
3. 'k Ben nimmer alleen, de Heer is nabij,
En troost steeds zijn eenzaam kind,
De traan wist Hij af van 't moegeweend oog,
Daar Hij mijne ziel bemint.
Koor. Nimmer alleen,
Nimmer alleen,Hij vat mijn hand,
'k Ben nimmer, neen nimmer alleen.