1. Eens zal 'k verstaan, Gods plan met mij;
Wanneer 'k zal staan aan Jezus' zij.
Dan zal mijn ziel "'t Waarom" verstaan,
Van menig stil vergoten traan.
2. Eens zal 'k de oorzaak gans verstaan
Van 't grievend leed, mij aangedaan.
Dan kniel 'k aanbiddend aan zijn voet,
Want 'k zal dan zien: "Gods wil was goed".
3. Eens zal 'k begrijpen, dat de smart
Moest louteren mijn zondig hart.
Dan kus 'k de hand, die wonden heelt,
Mij vormen wilde naar Gods beeld.
4. Nu rust ik aan des kruises voet,
Ik weet: mijn Heer maakt alles goed!
Al zie 'k niet ied're beê vervuld,
't "Waarom" wordt, boven, mij onthuld.
K o o r. Na dezen zal ik het verstaan,
Wanneer 'k de poort zal binnengaan.
Daar leg ik neer, mijn pelgrimsstaf,
En God wist dan de tranen af!