1. Vaarwel, moog' Jezus u geleiden,
Vaarwel, zijn troost zij u nabij.
Hemels licht omstraal' u als de morgen,
Tot gij komt aan d' overzij.
2. Vaarwel, houd vast zijn sterke handen,
Vertrouw op Hem, in 't uur van de strijd,
Hij doet straks uw scheepje veilig landen,
Aan de grens der eeuwigheid.
3. Vaarwel, straks zijn wij weer herenigd,
Bij 't opengaan der paarlenpoort;
Dan zal saam tot Hem ons danklied rijzen,
In een juub'lend lofaccoord.